Tagarchief: internet marketing

SEO in jouw praktijk

seo in de praktijkGemakshalve vergelijk ik internetmarketing wel eens met een gereedschapskist gevuld met nuttige en slimme tools. SEO, wat staat voor zoekmachinevriendelijk schrijven, is één van die tools. Een onmisbare.

SEO richtlijnen

Het is ook een tool die je voortdurend bij de hand moet houden, want met je website ben je nooit klaar. Je hebt je site netjes ingericht volgens de SEO richtlijnen. Je werkt met title-tags, je gebruikt meta-tags, je hebt een sitemap etcetera.

Koppen snellen

Goed om te onthouden: op het beeldscherm lees je niet, je scant. Je gaat pas lezen als je iets opvalt wat je interessant lijkt. Net zoiets als op zaterdagochtend de krantenkoppen scannen eer je voor de weekendbijlage gaat zitten.

Maar goed, jij legt je visite in de watten met prettig leesbare tekst die makkelijk scanbaar is. Schrijven voor Internet noem je dat. Eigenlijk hoeft je bezoeker je boodschap niet eens te lezen, als hij de kopjes scant, kent ie de strekking al. Helemaal perfect.

Voer voor Google

Perfect ja, al is het maar voor even. Zo gewonnen, zo geronnen. Om Google te vriend te houden, moet je constant bezig zijn met je site. In de vorm van Googlevoer: een doorlopende vernieuwing van relevante content, in de vorm van tekst, plaatjes of filmpjes.

Als je het zo aanpakt, dan heb je goeie kans structureel hoger in de organische zoekresultaten te komen. Organisch zoekresultaten zijn het tegenovergestelde van de betaalde zoekresultaten die boven en rechts op je scherm verschijnen (Google Adwords).

Daarnaast is het van belang dat je de techniek, die je bij de start zo mooi voor elkaar had, SEO-proof houdt. Geen land waar technologische ontwikkelingen elkaar zo snel opvolgen als in SEO-land.

Wil je deze ontwikkelingen bijhouden, dan raad ik je aan een online cursus Zoekmachine Optimalisatie te gaan volgen. Zo houd jij je gereedschapskist goed gevuld.

RIA
18-02-2014

Overtuigen doe je zo: bedankt meneer pastoor

Overtuigen doe je zoEen oude pastoor zit in zijn werkkamer. Een entourage die de sfeer ademt van halverwege de vorige eeuw.

Aan zijn bureau: papa, mama plus hun twee kinderen. De oudste is 10.

Waarom ze daar zitten?

Mama, van Italiaanse afkomst en van huis uit katholiek, wil haar kroost laten dopen. Papa, die geen binding met het geloof heeft, vindt het prima.

Het enige probleem is dat hun kinderen, hoe jong ze ook zijn, duidelijk al een eigen mening zijn toegedaan. Die ‘doping’ zo ze het betitelen, hoeft voor hen niet zo nodig.

Zijn kids kennende, heeft papa niet al te veel vertrouwen in een goede afloop. In gedachten wenst hij meneer pastoor veel succes.

Maar allengs slaat zijn twijfel om in bewondering. Meneer pastoor blijkt een verkoper pur sang. Hij bedient zich van verkooptechnieken die topverkopers eigen zijn.

Geperfectioneerde overtuigingstechniek

Zo weet een topverkoper dat hij moet beginnen met het benoemen van de bezwaren van zijn klant. Om ze vervolgens weg te nemen. Verkopers die zich niet verdiepen in hun klanten ontdekken die bezwaren niet en verkopen minder. Zo simpel is het.

Meneer pastoor had zijn overtuigingstechnieken in de loop der jaren geperfectioneerd.

Let op:

Bezwaar 1: Bestaat god wel, ik heb hem nooit gezien

De pastoor: vertrouwen heb je ook nooit gezien, maar het bestaat wel. Je vertrouwt papa en mama, en zij vertrouwen jou. Dat kun je niet zien, maar je weet dat het er is.

Liefde kun je ook niet zien, maar het bestaat wel. Papa en mama houden van je. Dat weet je, en toch kun je liefde niet zien.

Geen speld tussen te krijgen.

Bezwaar 2: Ik vind geloven niet belangrijk

De pastoor: Hoe lang is het geleden dat Jezus is geboren?

Glazige blikken.

De pastoor: Welk jaar is het dit jaar?

Dochter, snel: 2014.

Meneer pastoor legt uit dat 2014 jaar geleden onze jaartelling is begonnen, omdat Jezus toen werd geboren. Zó belangrijk is dat dus. Zelfs meer dan tweeduizend jaar later gebruiken we nog steeds diezelfde jaartelling.

Dat maakt indruk.

Bezwaar 3: Ik ken bijna niemand die katholiek is

De pastoor: Hoeveel mensen zijn er op de aarde?

Zoon, blij dat hij het antwoord weet: 7 miljard!

De pastoor: heel goed. Wist je dat van die 7 miljard mensen op aarde er 2 miljard katholiek zijn?

Daar hebben ze niet van terug. Sociale bewijskracht noemen ze dit.

Bezwaar 4: Niemand bij mij in de klas is gedoopt

De pastoor: In de tijd van Jezus zijn ze begonnen met de doop. Daarvoor bestond dat nog niet. En weet je wat er gebeurde op de eerste dag dat je gedoopt kon worden? Op die dag lieten 1.300 mensen zich dopen.

Oeps. Dat is best wel veel.

Dat is slim van meneer pastoor. Weer een voorbeeld van sociale bewijskracht. Als je twijfelt bij het maken van een keuze, dan kijk je immers naar wat anderen deden die dezelfde twijfel hadden. Laten je klasgenoten zich niet dopen, dan doe jij het dus ook niet.

Sociale bewijskracht

Verkooptechniek zal ongetwijfeld niet het woord zijn dat meneer pastoor hiervoor gebruikt. Overtuigingstechniek ook niet.

Of de kinderen daadwerkelijk zijn gedoopt vertelt het artikel niet. Maar meneer pastoor laat wel zien hoe je bezwaren pareert. En dat die technieken niet alleen voorbehouden zijn aan goede autoverkopers of ondernemers.

RIA
30-01-2014

Naar een artikel van Aartjan van Erkel, www.schrijvenvoorinternet.nl

 

Google Free Monitor houdt je met beide benen op de grond

Om te kijken hoe ik als tekstschrijver en webredacteur scoor op de door mij relevante zoekwoorden ‘tekstschrijver‘ en ‘webredacteur‘, raadpleeg ik zo nu en dan Google Free Monitor.

Een erg handige tool. Per url geef je zoekwoorden op. Vervolgens laat je Google daarop monitoren. In de uitkomst zie je niet alleen de uitkomst, maar ook of je ten opzichte van de vorige scan gedaald of gestegen bent op de ranglijst.

Google Free Monitor geeft een objectievere uitkomst dan wanneer ik op ‘tekstschrijver’ of ‘webredacteur’ zoek vanaf computers waarop ik regelmatig werk. Dan sta ik op nummer één, ook zonder dat ik ingelogd ben op enig account. Om lyrisch van te worden, maar subjectief en bezijden de waarheid. Kennelijk weet Google meer van mij dan ik besef.

Niettemin, via Google Free Monitor sta ik met ‘tekstschrijver‘ op dit moment op nummer 25 van de circa 819.000 zoekresultaten; met ‘webredacteur‘ bezet ik de tiende plek in de ranglijst van 412.000. Toch leuk. Maar dan ‘tekstskriuwer!’: numero uno, nûmer ien of in gewoon Nederlands nummer één van de 979 zoekresultaten.

Leuk, zo’n objectieve tool. Het houdt je met  beide benen op de grond.

RIA
mei 2012

De kracht van relevante content

Relevante content draagt bij aan een hogere ranking in Google. Daarmee lijkt content verheven tot toverwoord. En bloggen is je toverstaf. Aangezien niet iedereen voor tekstschrijver of webredacteur in de wieg is gelegd, moeten voor deze beroepsgroep wel gouden tijden aanbreken.

Een goede tekstschrijver of webredacteur helpt je met schrijven over jouw producten. Content die je vervolgens op je website plaatst. Je twittert erover, je deelt deze op Facebook en als je content maar regelmatig ververst dan maak je indruk op Google. Nu is een mooie plek in de zoekresultaten natuurlijk geen doel, maar wel een mooi middel om jouw producten bij je doelgroep onder aandacht te brengen en hopelijk te verkopen. De aanhouder wint.

Wat ik met relevante content bedoel zijn de resultaten die je krijgt door zoekmachinevriendelijk schrijven, kort gezegd SEO. Naast SEO heb je ook SEA. Dit zijn de advertenties die boven en rechts naast de zoekresultaten verschijnen. Deze advertenties maak je met Google Adwords. Zodra iemand op jouw adwords advertentie klikt, betaal je voor die klik. Een goede adwords advertentie maken is ook weer een vak apart. Google stuurt regelmatig gratis advertentietegoeden rond. Dit is een leuke manier om de mogelijkheden van een adwords campagne uit te proberen.

SEO en SEA hebben niets met elkaar te maken. Laatst probeerde een verkoper mij wijs te maken dat SEA resultaten zouden helpen bij hogere zoekresultaten in Google. Trap er niet in, dit zijn verkooppraatjes en niet meer dan een broodje aap. En broodjes aap, ik bedank ervoor.

RIA
28-04-2012

Wat is je motto, wat straal je uit als tekstschrijver alias webredacteur?

Op je website vertel je niet alleen in woorden wat je uit wilt stralen met je bedrijf. Ook beeldmateriaal speelt een belangrijke rol. Als voorbeeld neemt onze docent van de Leergang Webredacteur mijn website onder de loep. In twee woorden moeten mijn medestudenten en ikzelf aangeven wat ik met de daarop prijkende foto van mijzelf uit wil stralen. Enige minuten lang zijn wij in gepeins verzonken. Ik ben eruit. Wat ik uit wil stralen is eerlijkheid en betrouwbaarheid. Kennelijk heb ik het juiste beeld uitgezocht; mijn medestudenten slaan de plank niet ver mis. Opgelucht haal ik adem. Later bedenk ik me dat ik er nog wel professionaliteit aan toe had kunnen voegen. Dat is door niemand genoemd. En zo blijft er werk aan de winkel en ga ik nog eens kritisch kijken naar de beelden op mijn site.

“Waarom moet iemand jou eigenlijk kiezen als tekstschrijver of webredacteur?” legt de docent mij vervolgens onverstoorbaar het vuur na aan de schenen. Hij moet mij wel hebben vanavond. “Omdat ik goed ben” antwoord ik zelfverzekerder dan ik mij voel. Misschien is het mijn Friese inborst die het steken van de loftrompet over mijn eigen kunnen in de weg staat. Ik draai het liever om. Mijn opdrachtgevers dicht ik graag de eigenschap toe dat zij zelf wel in staat zijn te beoordelen of ze mijn werk goed vinden. Tot nu toe werkte dat prima en ik ben ervan overtuigd dat dit ook zo blijft. Ria Algra, de tekstschrijver en webredacteur van woord en daad. Dat klinkt niet alleen goed, dat is het ook. Mijn motto.

RIA
19-04-2012

Google en Berltsum

De Koepelkerk van Berlikum, BerltsumTot twee jaar terug woonde ik in Berlikum. Een onnavolgbare oprisping van de gemeente bracht daarin verandering. Tegenwoordig doen wij alles in het Fries en resideer ik in Berltsum. Niet uit te spreken voor een niet Fries om van goed schrijven maar niet te spreken. Er zijn zelfs Berltsumers die er moeite mee houden de naam van hun dorp goed op papier te zetten. Ik zou ze de kost niet willen geven die er ‘Belsum of Beltsum’ van bakken.

Er hebben natuurlijk allerlei zwaarwegende argumenten meegespeeld bij het nemen van dit chauvinistische besluit. Ik vraag me af of ze de effecten van Google ook hebben meegewogen. Met mooi nieuw briefpapier, enveloppen en autobelettering verleid je Google niet. En dat is wat ondernemers willen. Toch? Dan maar ‘berlikum’ wijzigen in ‘berltsum’?

Zoek je in Google op ‘berltsum’, dan maak je goeie kans op pagina één te komen. Tenminste als je de moeite hebt genomen dit woord mee te nemen in de tekst van je site. Dat is toch fantastisch zou je zeggen. Inderdaad, buitengewoon, ware het niet dat er geen kip op ‘berltsum’ zoekt.

Die conclusie mag ik toch trekken als ik constateer dat op ‘berltsum’ maandelijks gemiddeld zo’n 720 keer wordt gezocht tegen 14.800 keer op ‘berlikum’. Google weet ook geen zoekwoordideeën voor ‘berltsum’ te bedenken. Voor ‘berlikum’ wel, want op ‘berlikum’ wordt gegoogled. Zo zie ik bijvoorbeeld dat vaak gezocht wordt naar vertier, werk, sport en leveranciers in ons voorbije Berlikum.

Om Google te vriend te houden, blijf ik op mijn website Berlikum voorlopig maar trouw.

RIA
14-03-2012

Strooien met zoekwoorden

Als webredacteur hoor ik seo webteksten te schrijven, oftewel zoekmachinevriendelijke webteksten. In normaal Nederlands zou ik geen twee keer in dezelfde regel ‘webteksten’ schrijven, maar omdat ik daarop graag gevonden wil worden, ga ik overstag en hou ik stug vast aan ‘webteksten’. Ik zou natuurlijk ook iets kunnen bedenken van ‘zoekmachinevriendelijke tekst voor uw website’ of een ‘pakkende tekst voor uw website’.

Aangezien de gemiddelde internetbezoeker in luttele seconden, of een fractie daarvan beslist of hij op jouw site blijft, moet de boodschap van het scherm afknallen. Makkelijker gezegd dan gedaan, maar dat maakt het vak van webredacteur of tekstschrijver, hoe je het maar wilt noemen juist zo leuk.  Zo leuk zelfs dat ik aan de Leergang Webredacteur ben begonnen. Ik doe dat bij het ISBW in Zwolle.

Ik ben nu met mijn eerste businesscase bezig. Mijn onderwerp is het vrouwennetwerk Froulju Foar Froulju (vrouwen voor vrouwen) in Friesland. De kernvraag is hoe Froulju Foar Froulju de redactie van de website moet gaan voeren om deze op een aantrekkelijke manier actueel te houden. Ik pleeg onderzoek bij soortgelijke organisaties en onder de Froulju Foar Froulju vrouwen zelf. De enquêtes maak ik in Google Docs. Wat een super handige tool. Er gaat een wereld voor me open. Over de response heb ik niet te klagen. Iets van 30 en 80%.

Nu moet ik iets met de resultaten gaan doen. Als ik mijn studieboek ‘Daadkrachtig Verbeteren’ van Stephan de Laat inkijk, dan moet het iets worden in statistiekvorm. Mijn enthousiasme neemt iets af. In plaats van gezellig bloggen over seo webteksten, oftewel zoekmachinevriendelijke webteksten, moet ik nu toch eerst maar aan de studie.

Intussen heb ik toch even mooi wat keren ‘webteksten’, ‘seo webteksten’ en ‘zoekmachinevriendelijke webteksten’ laten vallen. En dat voor een beginnende webredacteur.

RIA
05-11-2011

Google, zitten wij op één lijn?

Begin 2011: de Blauwe Doos van Alex van Ginneken, 17 boeken over Internet Marketing wakkeren mijn enthousiasme aan om me verder in deze materie te gaan verdiepen. Daarom koop ik een ‘stoel’ bij Academy Noord in Leeuwarden. De plek waar continu gewerkt en geëxperimenteerd kan worden met online media, staat er op hun website. De plek ook waar persoonlijke hulp geboden wordt en waar men terecht kan voor advies. Dat laatste doen ze in de garage. Al snel kom ik erachter dat ik dom ben geweest.  Algra.fr, mijn domein, staat natuurlijk niet voor Friesland maar voor Frankrijk. De wetenschap dat .fr de eerste letters zijn van de voornaam van mijn wederhelft zal niet snel wereldwijd bekend worden. Google begrijpt dat al helemaal niet en zal mij voor deze move niet belonen.

Maar geen nood. Een .nl domein met dat waar ik me sterk voor maak, tekstschrijven in mijn geval, zal daarin verandering brengen. Ik kan mijn algra.fr gewoon aanhouden, maar wie dit adres invoert wordt automatisch naar het nieuwe adres geleid. Ik zal even dalen in de zoekresultaten, maar daarna …

Ik regel het dezelfde week nog, tekstschrijver-algra.nl moet het worden. Ik daal inderdaad van pagerank 1 naar 0, in Google Free Monitor zijn het alleen nog maar neerwaarts gerichte rode pijlen. Tot zover klopt het verhaal. Nu wacht ik op de grote doorbraak. Google Free Monitor registreert mijn nieuwe domein nog steeds niet. Als ik in de webmaster hulpprogramma’s kijk, dan zie ik geen links meer die naar mijn site wijzen, terwijl ze er toch echt wel zijn. En de pagerank staat nog steeds op 0.

En ik, ik vraag me af: wil ik te snel of vindt Google dat ik hem of is het haar, voor de gek houdt? Wie het weet, ik ben benieuwd.

RIA
26-10-2011